Voortplanting

Of je nu een pretnestje, oepsnestje of een echt foknestje krijgt, de basis is natuurlijk hetzelfde. Hieronder wordt beschreven, hoe onder normale omstandigheden de paring, zwangerschap en geboorte verloopt. En dan? Ieder ritten zal voldoende aandacht moeten krijgen en daar zal ook een goed thuis voor gevonden moeten worden. Een nestje brengt heel wat met zich mee en het is dus belangrijk dat je van te voren goed weet waar je aan begint.

awwParing

Bij een oepsnestje weet je vaak niet eens, dat die er geweest is en kan het soms moeilijk zijn om de vader te achterhalen. Bij een pretnestje wordt vaak gewoon een willekeurig mannetje gekozen. Alleen bij een foknestje wordt er (meestal) echt bewust gekeken naar beide ouderdieren. Zorg ervoor dat beide dieren in ieder geval gezond zijn en geen gedragsproblemen hebben. Dit dragen ze over naar de rittens en dat is natuurlijk niet de bedoeling. Een stamboom is hierbij natuurlijk ideaal.

Hoe weet je nou (bijna) zeker dat een paring slaagt?
Ten eerste is het vrouwtje om de 5 dagen vruchtbaar. Dat heet flapperig. Ze springen en hupsen dan nogal rond en flapperen voortdurend met hun oren, vandaar de naam flapperig. Een mannetje is altijd vruchtbaar. Als je twee geschikte ouderdieren hebt gevonden en het vrouwtje is flapperig, dan kun je ze een nachtje bij elkaar zetten. Om zeker te weten dat de paring gelukt is kun je ze het beste een week ‘s avonds bij elkaar zetten. Overdag moet de man terug bij zijn maatjes, omdat hij anders zijn plaats in de rangorde verliest en daar kan ruzie van komen. Doordat ze steeds door jou bij elkaar gezet worden, ben je er bij als de dekking plaatsvindt. Hierdoor kun je de bevalling heel precies uitrekenen.

nog een paar dagenZwangerschap

Een vrouwtje is gemiddeld zo’n 22 dagen zwanger. De eerste tekenen van zwangerschap zijn vaak het niet meer flapperig worden na 5 dagen en langzaam aankomen. Gedurende die 3 weken blijft ze aankomen…Dit zullen eerst slechts een paar gram per dag zijn, maar op het eind kan dat oplopen naar zo’n 20 gram per dag. Na 1 a 2 weken zal ze een buikje beginnen te krijgen en worden er tepeltjes zichtbaar doordat de haartjes rond de tepels uitvallen. Dit gebeurt ter voorbereiding op de rittens, die de tepels zo makkelijker kunnen vinden. Tijdens de zwangerschap mag ze zoveel eten als ze op kan. Een beetje bijvoeren mag dan best, maar niet te vaak natuurlijk. Vlak voor de geboorte zal ze een nestje gaan bouwen.

Geef veel nestmateriaal, gewoon wc papier is ook goed genoeg. Je kunt ervoor kiezen om haar bij haar maatjes te laten bevallen of haar alleen te zetten. Beide hebben voor- en nadelen. Bij haar maatjes kunnen de andere vrouwtjes de rittens stelen, om er zelf voor te zorgen. Dit lukt uiteraard niet, want ze geven geen melk. Ook kan je vrouwtje nogal bitcherig doen tegenover haar maatjes. Het voordeel is echter, dat de rittens goed gesocialiseerd worden. Als je haar alleen zet, heeft ze alle rust om haar rittens te baren en te voeden. Zet de moeder en haar rittens terug bij haar maatjes, als de rittens ongeveer 3 weken zijn. Anders worden ze totaal niet gesocialiseerd worden en zullen ze mogelijk problemen krijgen met andere ratten. Kies wel van te voren, want als het nestje er al is, kun je het niet meer veranderen. Kijk uit met een traliekooi, want daar kunnen de rittens doorheen vallen. Zet desnoods een doos in de kooi waar ze een nestje in kan bouwen. Je vrouwtje zal zich nu wat afzonderen en zich in alle rust voorbereiden. Ze kan nu ook wat bijterig naar jou toe zijn. Dat is normaal, laat haar in alle rust bevallen.

aan de melkbar

Bevalling

Meestal begint de bevalling op de 22ste dag, maar het kan ook eerder of later gebeuren. De meeste ratten bevallen tussen de 21ste en 24ste dag. Normaal hoef je hier niks bij te doen, behalve ze gewoon met rust laten en ze een beetje in de gaten houden. Zie je je vrouwtje lang persen zonder resultaat, ga dan direct naar de dierenarts!

Ieder ritten dat geboren wordt, zal goed schoongelikt worden zodat het gaat ademen. Het moedertje bijt de navelstreng door en eet de nageboorte op. Daarna wordt het volgende ritten geboren. Gemiddeld worden er zo’n 10 tot 12 rittens geboren. Als het goed is, drinken de rittens vlak na de geboorte al bij hun moeder. Dat hebben ze ook nodig, want die eerste melk (biest) bevat heel veel eiwitten en afweerstoffen. Hun huidje is doorschijnend roze en als ze net gedronken hebben kun je een geel vlekje zien. Dat is het zogenaamde melkbuikje. De rittens piepen en zijn beweeglijk. Dat is een teken dat het goed met ze gaat.

net arnaaltjesEerste dagen

Als de rust is teruggekeerd, dan kun je proberen bij de rittens in de buurt te komen. Soms zal het moedertje ze echter beschermen en moet je oppassen voor je vingers. Lok dan de moeder weg met wat lekkers. Houd de rittens al vroeg vaak in je handen. Zo leren ze wennen aan mensen en zullen het later lievere en makkelijkere huisdieren worden. Hoewel de rittens bij de moeder drinken, zal je vrouwtje zelf wat extra nodig hebben. Kattenvlees, brinta en kattenmelk plus alle extraatjes en snoepjes die ze normaal al kreeg, zal ze hard nodig hebben. Met drie dagen zal de vacht van rittens gaan groeien en met vier dagen moet het melkbuikje ver weg zijn. Met 10 dagen gaan de oortjes open en dan kunnen ze je ook horen. Praat rustig tegen ze, zodat ze gewend raken aan je stem. Ook beginnen de eerste tandjes door te breken rond deze tijd. Je moedertje zal dan vast voedsel naar het nest beginnen te slepen. Met zo’n 14 a 16 dagen gaan de oogjes ook open en dan beginnen ze overal heen te kruipen. Neem ze vooral nu vaak in je handen, want nu kunnen ze pas echt goed aan mensen wennen. Ook kun je ze nu aan andere huisdieren, verschillend voedsel en speelgoed laten wennen.

al echt ratjes

Oud genoeg

Met 6 weken mogen de rittens weg naar hun eigen nieuwe baasjes toe. Ze moeten dan wel minstens 100 gram wegen. Zet de mannetjes en vrouwtjes, voordat ze 5 weken zijn apart. Ze zijn dan namelijk zelf al vruchtbaar!!! Als je niet alle rittens zelf houdt, dan moet je voor de rest een goed tehuis zoeken. Dus niet naar de dierenwinkel, maar hang liever wat advertenties op in winkels en/of op internet. Geef de mensen genoeg informatie mee over de verzorging van ratten en nog belangrijker: als ze nog geen ratjes hebben, geef ze dan alleen per twee van hetzelfde geslacht weg. Zo weet je zeker, dat ze niet alleen komen te zitten. Je mag best geld vragen voor je rittens. Je hebt er tenslotte genoeg tijd en aandacht aan besteed. Zo weet je ook bijna zeker, dat ze niet bij slangenhouders of broodfokkers terecht zullen komen.

 

Verschil in uiterlijk

verschil dumbo en gewoonoorVanaf de eerste dag is voor het geoefende oog al verschil in uiterlijk zichtbaar. Dingen als rex/gladhaar, dumbo/gewoonoor, man/vrouw en roodoog/donkeroog zijn dan te zien. Het verschil tussen een dumbo en een gewoonoor is klein, maar wel goed te herkennen. De truc zit hem in de ooglijn doortrekken naar het oor. Bij een gewoonoor zit het oor OP de ooglijn, bij een dumbo ONDER de ooglijn.

Rexjes zijn ook gelijk te herkennen en wel aan de snorhaartjes. Bij een rex zijn die namelijk al gekruld vanaf de geboorte, terwijl ze bij een gladhaar recht zijn.

manvrouwHet geslacht is ook al vanaf de geboorte te zien voor het geoefende oog. Het verschil is namelijk zo’n 2 mm en dat moet je maar net zien. Het verschil tussen een man en een vrouw is de afstand tussen het geslachtsdeel en de anus. Bij een mannetje is deze groter. Deze afstand word steeds duidelijker zichtbaar, want naarmate de rittens groeien wordt de afstand ook groter. Ook is het geslachtsdeel van het mannetje iets groter en hebben vrouwtje tepeltjes.

Dan is er nog 1 verschil, wat direct vanaf de geboorte te zien is. Namelijk roodoog of donkeroog. Vooral de eerste dagen is dit bijzonder goed te zien, omdat de huid dan nog kaal en doorschijnend is. Bij een donkeroog zie je achter de huid een donkere ronde plek zitten, bij een roodoog is deze plek net zo roze als de huid en dus ook niet zichtbaar.